المرسلات

De Afgezanten, de Uitgezonden Winden

Al-Mursalāt

Hoofdstuk: 77
Verzen: 50

Vertaler: Sofian S. Siregar

Taal: Nederlands

Bron: tanzil.net/trans

Hoofdstuk 77
Verzen 21-40 van 50

Houd voortgang bij!

Inloggen

Toen plaatsten Wij het in een beschermende rustplaats. [21]

Tot een bekend tijdstip. [22]

Wij beschikten (erover) en Wij zijn de beste Beschikkers. [23]

Wee die Dag de loochenaars! [24]

Hebben Wij de aarde niet tot een plaats ven verzameling gemaakt? [25]

Zowel voor levenden en doden? [26]

En Wij plaatsten daarop stevige bergen en Wij schonken jullie helder water. [27]

Wee die Dag de loochenaars! [28]

Gaat naar dat wat jullie plachten to loochenen! [29]

Gaat naar een schaduw (van rook) die drie kolommen heeft. [30]

Die geen schaduw geeft en die niet baat tegen het vlammende Vuur. [31]

Zij (de Hel) werpt vonken als kastelen. [32]

Alsof zij gele kamelen waren. [33]

Wee die Dag de loochenaars! [34]

Dit is een Dag waarop zij niet spreken. [35]

En er wordt hun niet toegestaan zich te verontschuldigen. [36]

Wee die Dag de loochenaars! [37]

Dit is de Dag van de Beoordeling, Wij verzamelen jullie en de vroegeren. [38]

Als jullie dan een list hebben, voert die dan uit. [39]

Wee die Dag de loochenaars! [40]

Houd voortgang bij! Inloggen
Verzen 21-40 van 50