الحجر

Al-Hidjr

Al-Ḥijr

Hoofdstuk: 15
Verzen: 99

Vertaler: Sofian S. Siregar

Taal: Nederlands

Bron: tanzil.net/trans

Hoofdstuk 15
Verzen 21-40 van 99

Houd voortgang bij!

Inloggen

Er is geen ding waarvan de schatten niet bij Ons zijn, en Wij zenden deze slechts volgens een vastgestelde maatgeving neer. [21]

En Wij hebben de winden gezonden als bestuivers en Wij hebben regen neergezonden uit de hemel, waarmee wij jullie te drinken geven. En jullie zijn daar niet de bewaarders van. [22]

Voorwaar, Wij zijn het Die doen leven en doen sterven. En Wij zijn de erfgenamen. [23]

En voorzeker, Wij kennen de mensen die jullie zijn voorgegaan (in de dood). En voorzeker, Wij kennen de achterblijvers. [24]

En voorwaar, jouw Heer is het Die hen verzamelt. Voorwaar, Hij is Alwijs, Alwetend. [25]

En voorzeker, Wij hebben de mens (Adam) geschapen uit klei, van zwart slijk gevormd. [26]

En Wij hebben daarvoor de Djinn's geschapen uit een gloeiend vuur. [27]

(Gedenkt) toen jouw Heer tot de Engelen zei: "Voorwaar, Ik zal een mens scheppen van klei, uit zwart slijk gevormd." [28]

Toen Ik hem vervolmaakt had en Mijn (geschapen) Geest erin geblazen had, toen knielden zij (de Engelen) voor hem. [29]

Toen knielden de Engelen allen gezamenlijk. [30]

Behalve Iblis, bij weigerde te behoren tot de knielenden. [31]

Hij (Allah) zei: "O Iblis, wat is er met jou dat jij niet bij de knielenden behoort?" [32]

Hij (Iblis) zei: "Ik zal niet knielen voor een mens die U heeft geschapen uit klei, uit zwarte slijk gevormd." [33]

Hij (Allah) zei: "Ga eruit (het Paradijs), voor- waar, jij bent een vervloekte! [34]

En voorwaar, de vervloeking rust op jou tot aan de Dag des Oordeels." [35]

Hij (Iblis) zei: "Mijn Heer, schenk mij dan uitstel tot de Dag waarop zij zullen worden opgewekt." [36]

Hij (Allah) zei: "Voorwaar, jij behoort tot degenen die uitdel kregen. [37]

Tot de Dag van het vastgestelde tijdstip." [38]

Hij (Iblis) zei. "Mijn Heer, omdat U mij heeft doen dwalen, zal ik voor ben (hun slechte daden) zeker schoonschijnend maken op de aarde, en ik zal hen zeker allen doen dwalen. [39]

Behalve Uw dienaren, onder hen die oprecht zijn." [40]

Houd voortgang bij! Inloggen
Verzen 21-40 van 99