الحجر
Al-Hidjr
Al-Ḥijr
Vertaler: Sofian S. Siregar
Taal: Nederlands
Bron: tanzil.net/trans
Houd voortgang bij!
InloggenHij (Allah) zei: "Dit is een recht Pad, op Mij rust (het waken erover). [41]
Voorwaar, jij hebt geen macht over Mijn dienaren, behalve (over) degene die jou volgt van de dwalenden." [42]
En voorwaar, de Het is aan hen allen zeker toegezegd. [43]
Zij heeft zeven poorten. Aan iedere poort is een deel van hen toegewezen. [44]
Voorwaar, de Moettaqoen zullen in de Tuinen (het Paradijs) en bij bronnen vertoeven. [45]
(Tegen hen wordt gezegd:) "Treedt deze binnen in vrede en veiligheid." [46]
En Wij nemen weg wat er in hun harten aan wrok is, (zij zijn daarin) als broeders, op rustbanken zitten zij tegenover elkaar. [47]
Daarin raakt hen geen vermoeidheid en zij worden daaruit niet verdreven. [48]
Bericht mijn dienaren (O Moehammad:) "Voorwaar, ik ben de Vergevensgezinde, de meest Barmhartige. [49]
En dat Mijn bestraffing een pijnlijke bestraffing is." [50]
En bericht hun over de gasten van Ibrâhîm. [51]
Toen zij bij hem binnenkwamen, zeiden zij: "Salam." (Vrede) Ibrâhîm zei: "Voorwaar, wij zijn bang voor jullie." [52]
Zij zeiden: "Wees niet bang. Voorwaar, wij geven jou een verheugende tijding over (de geboorte van) een jongen, die kennis bezit." [53]
Hij (Ibrâhîm) zei: "Geven jullie mij een verheugende tijding, terwijl de ouderdom mij heeft bereikt? Waarover geven jullie mij dan een verheugende tijding?" [54]
Zij zeiden: "Wij hebben jou in waarheid een verheugende tijding gegeven, behoor daarom niet tot de wanhopigen." [55]
Hij (Ibrâhîm) zei: "Niemand wanhoopt aan de Barmhartigheid van zijn Heer dan de dwalenden." [56]
Hij (Ibrâhîm) zei: "Wat is jullie zaak, O, gezanten?" [57]
Zij (de Engelen) zeiden: "Voorwaar, wij zijn gezonden tot een misdadig volk. [58]
Uitgezonderd de volgelingen van Loeth. Voorwaar, wij zullen hen (in opdracht van Allah) zeker allen redden. [59]
Behalve zijn vrouw, wij hebben besloten dat zij tot de achterblijversi zal behoren." [60]