الصافات

De Zich Opstellenden

Aṣ-Ṣāffāt

Hoofdstuk: 37
Verzen: 182

Vertaler: Sofian S. Siregar

Taal: Nederlands

Bron: tanzil.net/trans

Hoofdstuk 37
Verzen 161-180 van 182

Houd voortgang bij!

Inloggen

Voorwaar jullie en wat jullie aanbidden. [161]

Jullie kunnen niemand tegen (het plan van) Hem te doen dwalen. [162]

Behalve degene die Djahîm (de Hel) binnengaat. [163]

(De Engelen zeggen:) "En er is niemand van ons, of er is voor hem een bekende plaats. [164]

En voorwaar, wij zijn degenen die in rijen staan. [165]

En voorwaar, wij zijn zeker degenen die de Glorie van Allah prijzen." [166]

En zij (de ongelovigen) zullen zeker zeggen: [167]

"Als wij over een Vermaning van de vruegeren hadden beschikt, [168]

Dan zouden wij zeker tot de dienaren van Allah die Hem zuiver aanbidden hebben behoord." [169]

Maar zij verwierpen hem (de Koran), daarom zullen zij het weten. [170]

En voorzeker, Ons Woord is voorafgegaan aan Onze gezonden dienaren. [171]

Voorwaar, zij zijn het die zeker geholpen zullen worden. [172]

Voorwaar, zij zijn Onze legers die zeker de overwinnaars zullen zijn. [173]

Wend je (O Moehammad) dan voor een bepaalde tijd van hen (de gelovigen) af. [174]

En kijk naar hen, zij zullen spoedig (de gevolgen) zien. [175]

Vragen zij dan Onze bestraffing te bespoedigen? [176]

Als dan (de bestraffing) neerdaalt op hun erven, dat is dan de slechtste ochtend voor de gewaarschuwden. [177]

En wend je van hen af voor een bepaalde tijd. [178]

En kijk, spoedig zullen zij (de bestraffing) zien. [179]

Heilig is jouw Heer, de Heer van de Almacht, boven wat zij toeschrijven. [180]

Houd voortgang bij! Inloggen
Verzen 161-180 van 182