الدخان

De Rook

Ad-Dukhān

Hoofdstuk: 44
Verzen: 59

Vertaler: Sofian S. Siregar

Taal: Nederlands

Bron: tanzil.net/trans

Hoofdstuk 44
Verzen 21-40 van 59

Houd voortgang bij!

Inloggen

En als jullie mij niet geloven, laat mij dan met rust." [21]

En hij bad toen tot zijn Heer: "Voorwaar, zij zijn een misdadig volk." [22]

(Allah zei toen:) "Ga in de nacht op weg met Mijn dienaren: voorwaar, jullie zullen worden achtervolgd. [23]

En laat de zee zoals zij is (door een pad gespleten): voorwaar, zij zullen een verdronken leger worden." [24]

Hoeveel tuinen en bronnen lieten zij niet achter. [25]

En velden en prachtige plaatsen. [26]

En genietingen die zij daarin kunnen smaken. [27]

Zo is het. En Wij hebben het een ander volk doen erven. [28]

De hemel en de aarde huilden niet om hen, en hun werd geen uitstel gegeven. [29]

En voorzeker, Wij hebben de Kinderen van Israël van de vernederende bestraffing gered. [30]

Van Fir'aun: voorwaar, hij was een hoogmoedige onder de buitensporigen. [31]

En voorzeker, Wij hebben hen (de Kinderen van Israël) op grond van (Onze) kennis verkozen boven de anderen (in hun tijd). [32]

En Wij hebben hun van de Tekenen gegeven waarin een duidelijke beproeving was. [33]

Voorwaar, zij (de ongelovigen) zullen zeker zeggen: [34]

"Het is slechts de enige dood van ons, en wij zullen niet opgewekt worden. [35]

Brengt dan onze voorvaderen (terug), als jullie waarachtig zijn." [36]

Zijn zij beter of het volk van Toebba' en degenen vََr hen? Wij hebben hen vernietigd: voorwaar, zij waren misdadigers. [37]

En Wij hebben de hemelen en de aarde en wat er tussen hen is niet als een spel geschapen. [38]

Wij hebben beide niet anders dan in Waarheid geschapen, maar de meesten van hen weten het niet. [39]

Voorwaar, de Dag van de Beslissing is hun vastgestelde tijd, tezamen. [40]

Houd voortgang bij! Inloggen
Verzen 21-40 van 59