الحاقة

De Realiteit

Al-Ḥāqqah

Hoofdstuk: 69
Verzen: 52

Vertaler: Sofian S. Siregar

Taal: Nederlands

Bron: tanzil.net/trans

Hoofdstuk 69
Verzen 21-40 van 52

Houd voortgang bij!

Inloggen

Hij zal dan een leven van welbehagen leiden. [21]

In een hooggelegen Tuin (het Paradijs). [22]

Haar vruchten hangen nabij. [23]

(Er wordt gezegd:) "Eet en drinkt smakelijk wegens wat jullie hebben verricht in de vroegere dagen." [24]

En wat betreft degene die zijn boek in zijn linkerhand gegeven zal worden, hij zal zeggen: "Wee mij! Was mijn boek maar niet (aan mij) gegeven! [25]

En ik weet niet hoe mij afrekening zal zijn. [26]

Was de dood maar de beëindiger van alles. [27]

Mijn bezittingen baten mij niet. [28]

Mijn macht is van mij heengegaan." [29]

(Allah zegt:) "Grijpt hem en bindt zijn handen om zijn nek. [30]

En doet hem in Djahîm (de Hel) binnengaan. [31]

Voert hem daarna binnen in ketenen waarvan de lengte zeventig ellen is.'' [32]

Voorwaar, hij geloofde niet in Allah, de Geweldige. [33]

En hij moedigde niet aan tot het voeden van de armen. [34]

Op deze Dag heeft hij hier geen trouwe vriend. [35]

En er is geen voedsel den etter. [36]

Niemand eet dat dan de zondaren. [37]

Zo waarlijk zweer Ik bij wat jullie zien. [38]

En bij wat jullie niet zien. [39]

Voorwaar, het is zeker het Woord (verkondigd door) een nobele Boodschapper. [40]

Houd voortgang bij! Inloggen
Verzen 21-40 van 52